Een terugleververgoeding van 0,08 euro per kWh klinkt aantrekkelijk, tot je 500 euro vaste terugleverkosten van het jaarbedrag aftrekt. Dit artikel laat in vier stappen zien hoe je écht berekent wat je overhoudt, met drie voorbeeldhuishoudens en een rekensjabloon dat je vandaag kunt gebruiken.
De rekenformule in één zin
Het netto-bedrag dat je overhoudt aan terugleveren is:
(teruggeleverde kWh × vergoeding per kWh) − terugleverkosten = netto resultaat
Klinkt simpel. In de praktijk gaan vier dingen mis: - mensen schatten hun teruglevering te hoog of te laag in - ze houden geen rekening met staffels in de vergoeding - ze vergeten de aparte regel terugleverkosten in het tarievenblad - ze rekenen op één maand in plaats van een vol jaar
We lopen elke stap door.
Stap 1: bepaal je teruglevering in kWh per jaar
De makkelijkste route: pak je jaarafrekening van je leverancier. Daar staat een aparte regel "teruggeleverd aan het net" in kWh. Bijvoorbeeld 2.800 kWh.
Heb je nog geen vol jaar zonnepanelen, of zijn ze net geïnstalleerd, schat dan op basis van het opgesteld vermogen.
Vuistregel Nederland 2026: 1 kWp aan zonnepanelen levert ongeveer 800-900 kWh per jaar. Een paneel van 0,4 kWp levert dus 320-360 kWh.
Reken vervolgens met deze ratio's wat je teruglevert:
| Situatie | Aandeel teruggeleverd |
|---|---|
| Geen thuisbatterij, geen warmtepomp | 60-70% |
| Geen thuisbatterij, wél warmtepomp of EV | 40-55% |
| Mét thuisbatterij (5 kWh) | 30-45% |
| Mét thuisbatterij (10+ kWh) | 15-30% |
Voorbeeld: 12 panelen × 0,4 kWp = 4,8 kWp. Opbrengst circa 4.000 kWh per jaar. Zonder batterij lever je daarvan circa 65% terug = 2.600 kWh. Onthoud dat getal.
Voor de meest accurate inschatting: laat je PVGIS-data ophalen (Europese Commissie tool) op basis van locatie, hellingshoek en oriëntatie van je panelen.
Stap 2: lees het complete tarievenblad
Vraag bij je leverancier het tarievenblad of voorwaarden voor terugleverklanten. Zoek vier dingen:
Het tarief per kWh teruggeleverd. Bijvoorbeeld 0,07 euro. Soms één tarief, soms een staffel.
Eventuele staffels. Een leverancier kan zeggen: "Eerste 1.500 kWh tegen 0,07 euro, daarboven 0,03 euro." Dat verandert de rekensom fors als je veel teruglevert.
Terugleverkosten. Vaak een vast jaarbedrag in stappen. Voorbeeld: - 0-1.500 kWh teruggeleverd: 120 euro per jaar - 1.500-3.000 kWh: 280 euro per jaar - 3.000+ kWh: 480 euro per jaar
Looptijd en herzieningsmoment. Hoe lang staat dit tarief vast? Mag de leverancier tussentijds aanpassen? Bij een vast 1-jaarcontract: nee. Bij dynamisch: ja, elke dag.
Geen tarievenblad gevonden? Vraag het op. Energieleveranciers zijn verplicht hun voorwaarden transparant te delen volgens ACM-richtlijnen.
Stap 3: reken het netto bedrag uit
Nu heb je alle ingrediënten. Drie voorbeelden, gebaseerd op realistische 2026-orders.
Voorbeeld A: 1.800 kWh teruggeleverd, vast contract 0,07 euro, terugleverkosten 180 euro - Bruto: 1.800 × 0,07 = 126 euro - Netto: 126 − 180 = −54 euro (je betaalt onder de streep)
Voorbeeld B: 2.600 kWh teruggeleverd, vast contract 0,06 euro, terugleverkosten 220 euro - Bruto: 2.600 × 0,06 = 156 euro - Netto: 156 − 220 = −64 euro
Voorbeeld C: 4.200 kWh teruggeleverd, dynamisch contract gemiddeld 0,05 euro, terugleverkosten 0 euro - Bruto: 4.200 × 0,05 = 210 euro - Netto: 210 − 0 = +210 euro
Bij voorbeeld C zie je waarom een dynamisch contract zonder terugleverkosten in 2027 vaak gunstiger uitvalt voor grote PV-installaties — zelfs bij een lager kaal tarief. Dit is een belangrijke reden waarom dynamische contracten populairder worden, mits je je verbruik kunt schuiven.
Lees Dynamische vs vaste terugleververgoeding voor een diepe vergelijking.
Stap 4: vergelijk netto, niet bruto
De grootste fout is de bruto-vergoeding vergelijken. We zien constant berekeningen waarin huishoudens wisselen voor 1 cent extra per kWh, om vervolgens 200 euro meer aan vaste terugleverkosten te betalen.
Maak een tabel met drie tot vijf leveranciers naast elkaar:
| Leverancier | Tarief/kWh | Bruto bij 2.600 kWh | Terugleverkosten | Netto |
|---|---|---|---|---|
| A | 0,08 euro | 208 euro | 380 euro | -172 euro |
| B | 0,07 euro | 182 euro | 220 euro | -38 euro |
| C | 0,06 euro | 156 euro | 80 euro | +76 euro |
| D | 0,055 euro | 143 euro | 0 euro | +143 euro |
In dit voorbeeld is leverancier D met de laagste tariefkop het meest gunstig. Tegen-intuïtief, en exact waarom je dit moet uitrekenen.
Wat verandert na 1 januari 2027
Tot en met 31 december 2026 saldeer je teruggeleverde kWh tegen afgenomen kWh. De terugleververgoeding telt pas bóven het overschot. Voor de meeste huishoudens (Profiel B uit de pillar Terugleververgoeding vergelijken) speelt vergoeding nauwelijks een rol in 2026.
Vanaf 1 januari 2027 verandert dit. Salderen stopt volledig. Vanaf dat moment telt de vergoeding voor 100% — voor elke kWh die je teruglevert krijg je het tarief, en voor elke kWh die je afneemt betaal je het volle leveringstarief.
Concreet voor voorbeeldhuishouden B: - 4.000 kWh verbruik × 0,30 euro leveringstarief = 1.200 euro afname - 2.600 kWh teruglevering × 0,06 euro = 156 euro vergoeding - 220 euro terugleverkosten aftrekken - Subtotaal: 1.200 − 156 + 220 = 1.264 euro stroomkosten per jaar
Onder oude saldering compenseerde de teruglevering de afname grotendeels. Onder nieuw regime levert teruglevering relatief weinig op. Daarom wordt zelfverbruik en eventuele opslag belangrijker.
Hoe verhoog je het netto bedrag
Drie hefbomen, op volgorde van impact.
Hefboom 1: meer zelfverbruik. Elke kWh die je niet teruglevert maar zelf gebruikt is goud waard vanaf 2027. Je vermijdt het verschil tussen leveringstarief (0,30 euro) en terugleververgoeding (0,06 euro), oftewel 0,24 euro per kWh. Lees Zelfverbruik verhogen zonnepanelen.
Hefboom 2: thuisbatterij. Door overdag opgewekte stroom 's avonds te gebruiken kun je je zelfverbruik van 30% naar 70-80% tillen. Lees Thuisbatterij na 2027 voor de afweging.
Hefboom 3: contract optimaliseren. Reken elk jaar opnieuw welk contract netto het beste uitkomt. Tarieven en terugleverkosten veranderen continu.
Reken-template voor 2 minuten
Vul deze waarden in en je hebt je antwoord:
A. Teruglevering per jaar (kWh): [ ]
B. Vergoeding per kWh (€): [ ]
C. Bruto vergoeding (A × B) = [ ]
D. Terugleverkosten per jaar (€): [ ]
E. NETTO RESULTAAT (C − D) = [ ]
Doe dit voor 3 leveranciers. Kies de hoogste E.
Veelgestelde vragen
Tellen mijn afgenomen kWh ook nog mee in 2027? Ja. Je betaalt afzonderlijk voor afname (volle leveringstarief) en ontvangt afzonderlijk voor teruglevering. Geen verrekening meer.
Mag de leverancier de terugleverkosten verhogen? Bij een vast contract niet binnen de looptijd, tenzij er een herzieningsclausule is. Bij dynamisch en variabel: ja.
Hoe weet ik mijn werkelijke teruglevering als ik nog geen jaarafrekening heb? Schat met de vuistregels uit stap 1 of vraag je netbeheerder een tussenrapport via Mijn Aansluitingen.
Krijg ik korting op terugleverkosten als ik weinig teruglever? Veel leveranciers werken met staffels: weinig teruglevering = lage kosten. Lees altijd het tarievenblad.
Volgende stap
Reken jouw situatie door met de template hierboven. Twijfel je? Plan een vrijblijvend telefoongesprek — onze adviseur helpt je in 20 minuten je eigen jaarafrekening te ontleden.
Vergelijk hier je terugleververgoeding of bekijk hoe een thuisbatterij dit verandert.